Wapen van de familie Vernooij 17e en 18e eeuw

De afstamming van de

Familie Vernooij

Wapen van de familie Vernooij 17e en 18e eeuw
Hoofdpagina

Naar de database

Inleiding

> Markante Vernooijen

Verhalen

Het wapen van de familie Vernooij

Spellingsperikelen

De Amerikaanse tak

De Werkhovense tak 17e eeuw

Kromme-Rijngebied

Leuterveld

Literatuur en links

Kasteel Sterkenburg (foto auteurs 2001)

Het Kasteel Sterkenburg en de relaties met de familie Vernooij

De ridderhofstad kasteel Sterkenburg heeft een belangrijke plaats ingenomen in de geschiedenis van van de familie Vernooij. De stamvader van de Werkhovense tak, Jan Corneliszn Vernoy (ca. 1580 - na 1643) is op een boerderij, behorende tot deze ridderhofstad, geboren en overleden. Vele Vernooijen na hem (en mogelijk voor hem) pachtten land of opstallen van de kasteelheren. Hieronder vind u een korte inleiding over het kasteel en vervolgens een korte beschrijving van een aantal akten uit de 18e eeuw, waarin gerefereerd wordt naar overeenkomsten tussen leden van de familie Vernooij en diverse ambachtsheren en vrouwen van de heerlijkheid Sterkenburg.

Korte inleiding over de ambachtsheren en vrouwen van de heerlijkheid Sterkenburg

[Gegevens ontleend aan "Kastelen en ridderhofsteden in Utrecht"(1995), waarin nog veel meer bijzonderheden over het kasteel en zijn bewoners zijn te vinden.]

Het kasteel Sterkenburg is gelegen aan de Langbroeker Wetering, 4 km ten zuiden van Driebergen(1). De geschiedenis gaat terug tot in de 13de eeuw. Ingrijpende verbouwingen in de 18de en 19de eeuw gaven het kasteel zijn huidige aanzien, waarbij de middeleeuwse toren gespaard bleef. Het kasteel vormde het middelpunt van de heerlijkheid Sterkenburg, die in 1857 is opgegaan in de gemeente Driebergen-Rijsenburg.

In 1672 werd Florentina van Matenesse, vrouwe van Sterkenburg en huwde in 1680 met Johan van Hardenbroek, ritmeester in dienst der Staten van Utrecht en vanaf 1684 heer van de heerlijkheid Hardenbroek. Florrentina verkocht Sterkenburg in 1725 voor 33.000 gulden aan Catharina van Heusden, de weduwe van de uitgeweken hugenoot Johan Frederik Mamuchet van Houdringe. Hun zoon, Johan Frederik, erfde het goed. Hij overleed op 11 augustus 1740. Johan Frederik liet zijn leengoederen na aan zijn zuster Johanna Catharina Mamuchet van Houdringe. Zij was getrouwd met Jan Jacob van Westrenen, raad en advocaat aan het hof van Utrecht, kanunnik van Oudmunster en heer van Wiers, Themaat en Lauwerecht. Hij werd met Sterkenburg beleend en liet het in 1767 gedeeltelijk afbreken en ingrijpend verbouwen.

Notariële akten

De Verno(o)ijen hebben jarenlang een goede relatie gehad met de eigenaren/bewoners van de heerlijkheid Sterkenburg. Een fors aantal akten uit het Utrechtse archief getuigen hiervan. Meestal betrof het verhuur van een boerderij en land. Hieronder volgt een selectie.
U kunt de orginele akten on-line raadplegen! Zie literatuur en links.

Bij akte 119 d.d.23-3-1723 voor notaris B.J.van Zweerd te Utrecht werd door Florentina van Matenesse, weduwe van Jan van Hardenbroeck aan Dirckje Cornelisse van de Leemkolk, weduwe van Cornelis Vernoij en haar zoon Jan Vernoij, verhuurd een hofstede en 43 mergen soo weij-als bouwland, gelegen op Sterckenburg, bij de ridderhofstad Sterckenburg voor de tijd van drije aaneenvolgende jaaren voor de somma van drije hondert en't sestich gulden.

Bij akte 152 d.d.5-11-1727 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Johan Frederik Mamuchet aan Jan Vernoij en zijn zuster Adriaantje Vernoij verhuurd dezelfde hofstede met ontrent 55 mergen en 64 roeden, soo boomgaard, weij, hoij als bouwlanden, gelegen op Sterkenburg voor den tijd van ses agter een volgende jaren, voor de somma van 400 hondert guldens.

Bij akte 18 d.d.13-3-1734 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Johan Frederik Mamuchet, heere van Houdringe, Sterkenborg, etc.etc. aan Jan Vernoij verhuurd een huizinge, bouwhuijs, brouwerij, bergen en schuer, staande op de voorborge van Sterkenborgh. Dit voor den tijd van ses agtereen volgende jaren voor de somma van 400 hondert guldens, alsmede een mud goede weijt.

Bij akte 6 d.d.20-1-1742 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen, Heere van Lauwenrecht, Sterkenburg en Themaat aan Jan Vernoij verhuurd een hofstede, huijs c.a. met 54 mergen soo boomgaard, weij, hoij als bouwlanden, gelegen op de Voorburge van Sterkenburgh. Dit voor den tijd van ses aaneenvolgende jaren voor de somma van drie honderd en tagtig guldens ŗ 20 stuijvers eens geld. (zie bijlage)

Als voorwaarden werden in bovenstaande akten onder andere vermeld: dat den heere verhuurder aan sig behoud het koetshuijs alsmede het opkamertje boven de kelder en ook de halve kelder;
dat alle reŽle ongelden sullen blijven tot lasten van den heere verhuurder en de personele, daaronder mede het halve haarstedegeld tot lasten van den huurder en daar boven een mud goede weijt, een vern stroo en het houden van een hond in de kost;
dat huurder sorg moet dragen voor het halen van tien voeder sand in den tuijn;
dat de landerijen nae behoren te gruppelen en de dammen te onderhouden;
dat huurder de messie over de landerijen moet brengen en niet mag vervoeren op ander land; dat den hovenier van den heer verhuurder paarde messie om te broeden als hij nogig heeft in de tuijn mogen halen;
dat den huurder geen paarden, koejen, verkens off andere beesten in de lanen off cingels mogen laten lopen en als aan de hofstede sal worden gerepareerd den huurder de werklieden bier moeten geven;
dat in den boomgaard de bomen met doornen rontom moet besetten en de beesten daar in lopende kniebanden;
dat voorts den huurder de hofstede altijd sal verbeteren en niet verargen soo een goed huurman schuldig is en behoord te doen.

Bij akte 20 d.d. 12-7-1684 voor notaris C.van Vechten de Jonge te Utrecht werd door Johan Frederick Mamuchet van Houdringe aan Maeygen Elbers van Bemmel, wed.van Hermen Jacobss Vernoij (2208) wonende te Wijck, 21 mergen bouw- en weylandt verhuurd, gelegen ontrent de Leckendijck in Wijck bij Duerstede

Bij akte 240 d.d. 20-10-1697 voor notaris J.Wechter te Utrecht werd door Florentina van Matenesse, wed. van Johan van Hardenbroek aan Antonij Vernoij (287) verhuurd tien mergen bouw- en weijland, gelegen te Sterkenborg

Bij akte 241 d.d. 20-10-1697 voor notaris J.Wechter te Utrecht werd door Florentina van Matenesse, wed.van Jan van Hardenbroek aan Cornelis Vernoij (5835) verhuurd ses mergen land, genaamd "het Bergse Bos" te Sterkenborg en gelegen ten zuid-westen van de Bergsesteegh en vijf en een halve mergen bouw- en weijland eveneens gelegen t'Rijnwaerds te Sterkenborg. Dit voor de tijd van drie jaar.

Bij akte 55 d.d. 3-5-1700 voor notaris J.van Broeckhuijsen te Utrecht werd door Florentina, baronesse van Matenesse, wed.van Johan baron van Hardenbroek aan Anthonij Vernoij (287) , wonende te Werckhoven, verhuurd tien mergen weij en bouwlant, genaamd "den Omloop" onder den gerechte van Sterckenburch

Bij akte 87 d.d. 8-5-1716 voor notaris P.Silvius te Utrecht werd door Jan Frederick Mamuchet aan Antoni Vernooij procuratie (volmacht) verleend om namens hem aanwezig te zijn bij de meting van landerijen.

Bij akte 100 d.d. 24-10-1722 voor notaris B.J. van Zweerd te Utrecht werd door Catharina van Heusden, weduwe van Jan Frederick Mamuchet aan Antonij Vernoij (287) wonende te Wijck, sestien mergen lants verhuurd genaamd "Aelbrechtscamp binnen Dijx" gelegen aan de Broekwegh te Wijck. Dit voor de tijd van ses jaeren en voor de somma van een hondert gulden en twee vette lammeren ieder jaer.

Bij akte 34 d.d. 29-5-1734 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Catharina van Heusden, weduwe van Jan Frederick Mamuchet aan Anthonij Vernoij (287) wonende te Wijk, wederom bovenstaande sestien mergen lants verhuurd. Dit voor ses jaeren, hondert gulden en twee vette lammeren. Tevens verklaerde Vernoij aan de vrouwe verhuurderse schuldig te sijn de somma van ses hondert guldens, belovende deselve binnen veertien dagen te sullen voldoen.

Bij akte 17 d.d. 5-2-1735 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Johan Frederik Mamuchet aan Cornelis Vernoij (304) wonende te Werkhoven 10 mergen weij en bouwlanden, gelegen onder Sterkenborg, verhuurd voor de tijd van ses jaeren en voor de somme van twee en seventig gulden.

Bij akte 77 d.d. 27-9-1738 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Catharina van Heusden, wed.van Johan Frederik Mamuchet, aan Frederik Vernooij (303) wonende te Werkhoven, verhuurd 3 morgen weijland, gelegen onder Groot Vuylcoop bij de Moolen. Dit voor de tijd van agt jaren en voor de somma van vier en veertig gulden per jaar.

Bij akte 62 d.d. 11-11-1741 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen aan Cornelis Vernoij (304) wonende te Werkhoven, 7 mergen van 10 mergen weij en bouwland, gelegen onder Sterkenburg, verhuurd, voor de tijd van ses jaeren en voor de somme van sestig gulden

Bij akte 46 d.d. 5-5-1742 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen aan Dirk Vernooij (1346) wonende te Wijk bij Duurstede, 22 mergen bouw- en weijland, gelegen onder de gerechte van Wijk bij Duurstede. Dit voor de tijd van 6 jaar en voor de somme van veertig guldens, een mud beste witte of rode weijt en een koppel jonge hoenderen per jaar.

Bij akte 56 d.d. 11-5-1748 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen aan Cornelis Vernoij (304) wonende te Werkhoven, verhuurd 7 mergen van 10 mergen weij en bouwland verhuurd, gelegen aan de Tiendwegh onder Sterkenborgh, voor de tijd van vier jaren voor de somme van agtien guldens

Bij akte 53 d.d. 29-6-1748 voor notaris D.Oskamp te Utrecht werd door Jan Jacob van Westreenen aan Dirk Vernoij (1346) wonende te Wijk bij Duurstede, bij elkaar 38 mergen bouwland, weijland en boomgaard verhuurd, gelegen aan de Hogendijck te Wijck bij Duurstede.

Bij akte 69 d.d. 17-5-1751 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen aan Johanna van Roijen, weduwe en boedelhoudster van Dirk Vernoij (1346) ontslagen van de huurplicht van bovenstaande akte.

Bij akte 131 d.d. 1-5-1756 voor notaris E.Vlaer te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen aan Cornelis Vernoij (304) wonende te Werkhoven, verhuurd 7 mergen van 10 mergen weij- en bouwlant, gelegen aan de Thiendweg onder Sterkenborg voor de tijd van 6 jaar voor de somma van tagtig guldens

Bij akte 77 d.d. 30-3-1761 voor notaris D.Oskamp te Utrecht werd door Jan Jacob van Westerenen, raad ordinaris hove provinciaal van Utrecht, aan Anthoni Vernooij (323) verhuurd ongeveer 9 mergen weij- en bouwland gelegen aan de Thiendweg te Sterkenborg. Dit voor de tijd van ses jaer voor de somma van tagtig gulden per jaer.

Bij akte 115-1 d.d. 28-4-1765 voor notaris D.Oskamp te Utrecht verklaarde Anthonij Cornelisse Vernooij, wonende op Cattevelt te Werkhoven, aan Jan Jacob van Westrenen wel en deugdelijk schuldig te wesen de somme van twee hondert agt en tagtigh gulden wegens achterstallige landpacht tot den jare 1764.

Bij akte 115-2 d.d. 28-4-1765 voor notaris D.Oskamp te Utrecht gaf Anthonij Cornelisse Vernooij, wonende op Cattevelt te Werkhoven, aan Anthonij van Coten en Jasper Lodder, borgen voor de schuld genoemd in bovenstaande akte 115-1, procuratie (volmacht) om de helft van de hofstede en 32 morgen land op Cattevelt onder Werkhoven openbaar te verkopen en uit de opbrengst betaling te doen aan Jan Jacob van Westrenen.

Bij akte 20 d.d.19-4-1766 voor notaris D.Oskamp te Utrecht werd door Jan Jacob van Westrenen de in de akte 77 d.d. 30-3-1761 genoemde 9 mergen weij- en bouwland wederom voor 6 jaar verhuurd aan Anthonij Cornelisze Vernoij

Verzameld door Tom Vernooij, januari 2007

*Laatst bijgewerkt op 2 juni 2007.


Over deze website

Vragen of opmerkingen, mail ons: